De laatste (k)eer voor Jurriën Oosterbeek

Gisteren, 11 januari, hebben we met velen Jurriën Oosterbeek de laatste eer bewezen. Heel velen! Allemachtig wat een mensen zeg. Jur, bij ons in het team de regelaar, krijgt het tot op de dag van zijn uitvaart voor elkaar mensen te binden en zaken te regelen. Als team met aanhang is besloten om per luxe touringcar naar de dienst te gaan. Geheel in stijl van Jur. Die zou dat ook hebben geregeld voor een ander. En het is ook nog praktisch. Als we rond 12:45 aankomen bij de Adventskerk/SIO gebouw in Zwolle-Zuid is het wel stoer als je dan de blikken van de aanwezigen ziet. Daar doen we het niet voor maar leuk is het weer wel. Overigens worden die ‘happy feelings’ heel snel terzijde geschoven als we het gebouw/de kerk binnen gaan. Gelegenheid tot afscheid nemen en condoleren zo stond te lezen in de advertentie. Ik moet eerlijk bekennen dat ik met afscheid nemen niets heb. Is zo niet mijn ding. Maar ja, het is onderdeel van het leven en wel zo netjes richting de nabestaanden. Alhoewel ik ook daar mijn kanttekeningen wil plaatsen, de nabestaande staan echt niet te turven wil wel of niet afscheid neemt. Me dunkt, die hebben wel andere dingen aan het hoofd. Nee afscheid nemen doe je voor jezelf. Niet meer en niet minder.

We gaan als team naar binnen maar nemen als individu afscheid van Jur. Althans zo beleef ik het. Ieder heeft zijn of haar gedachten met bijbehorende emoties. Bij het binnenlopen van de ruimte waar Jur opgebaard ligt zie ik de bloemenzee, de geschilderde en getekende deksel van de kist en wordt ik bevangen door een gevoel van…….ja van wat eigenlijk? Lijkt een beetje op een mix van verdriet, boosheid, blijheid, verslagenheid maar ook een gevoel van ‘het doet me goed te zien hoeveel bloemen en andere zaken er zijn voor Jur gevoel’. Herken je dat? Als ik vervolgens in de kist kijk en Jur zie liggen zijn die gevoelens ineens weg. Ze worden ook niet vervangen door andere emoties. Ik staar stil en gevoelloos in de kist en weet dat het zo niet mijn ding is. Er wordt een soort emotionele blokkade opgeworpen in mijn brein en zie slechts wat ik werkelijk zie, een dode Jur. Onomkeerbaar, definitief en oh zo realistisch. Geen traan die bij me opwelt, geen gevoel van ‘oh wat erg’ of ‘oh wat zielig’. Gewoon kijken en constateren dat Jur echt dood is. Geen haar op mijn hoofd die daaraan twijfelde, maar het zij slechts gegeven dat het ook echt zo is. Als ik me omdraai en naar de ruimte loop waar Ildiko, Timo, Vera en overige familieleden al bijna een uur, staand, de condoleances in ontvangst nemen, wordt de blokkade verworpen en komen de emoties weer keihard binnen. Wat een enorme verslagenheid heerst er in deze ruimte! Als we druppelsgewijs onze plekken innemen in de zaal waar de dienst plaats zal vinden besef ik weer dat we er als team zijn. Als team worden we ook gevraagd ‘bloemendragers’ te zijn. De vele stukken moeten verplaatst worden van de rouwkamer naar deze zaal en later van de zaal naar de auto en van de auto naar de laatste rustplaats van Jur. Een verantwoordelijke taak en een eer dat te mogen doen voor ‘onze’ Jur.

Als de dienst begint horen we dat Ildiko als eerste zal spreken. Knap, bewonderenswaardig en respectvol. Zoals zij Jur omschrijft, hun relatie beeld geeft, haar gevoelens de zaal in slingert en ons deelgenoot maakt van, is heel mooi. En heel emotioneel. Net als de rest van de dienst. Een ieder die spreekt, spreekt over Jur als positivo, wat er ook gebeurde bijna altijd blijven lachen. Ook zijn doorzettingsvermogen en humor wordt nagenoeg door iedereen geroemd. Iedereen spreekt mooie woorden. Maar als ook Ray zijn woorden tot de familie richt namens ons elftal heeft dat toch een andere lading. Uiteraard komt dat omdat ik weet dat Ray het niet makkelijk heeft. Hebben de laatste dagen veel en vaak met elkaar gesproken, we weten van elkaar dat we emotioneel zijn. Als Ray begint zie ik aan zijn blik dat het goed komt. Vastberaden, stoer en ogenschijnlijk kalm deelt hij de aanwezigen in ons gevoel. Zijn stem verraad bij de laatste woorden, waarvan met name de 2 woorden ‘nooit meer’ zo’n onherroepelijke lading hebben, dat het verdriet bijna meester wordt van de situatie. Ik zeg bijna, want Ray zou Ray niet zijn als hij zich met de laatste woorden ‘voor altijd in ons hart’ heeft hersteld. Mooi gesproken captain!

Als de dienst erop zit kwijten we ons opnieuw van onze taak en zorgen we dat de bloemen uit de zaal naar de auto’s worden gebracht. Het Rooms Katholiek Kerkhof Zwolle bestaat al sinds 1841 maar ik was er nog nooit geweest. De constatering van het feit dat het een mooi kerkhof is heeft niet te maken met afgeleid zijn van de trieste reden waarom we daar zijn. Als we onze eervolle taak van bloementransporteurs voor de laatste keer hebben uitgevoerd staan we met z’n allen in een halve cirkel rond het graf van Jur. Ivar, de zwager van Jur laat nog een mooi gedicht horen. Wanneer zijn laatste woorden door de wind worden weggedragen valt er een oorverdovende stilte . Als de kist langzaam naar beneden zakt wordt de stilte doorbroken door hartverscheurende snikkende geluiden van Ildiko, Timo, Vera en de overige familieleden. Er zullen vast ook andere geluiden te horen zijn geweest, maar niet voor mij op dat moment. Zelf voel ik ook opnieuw de tranen branden. Brandende tranen om het verdriet van Ildiko, Timo, Vera en de overige familieleden. Op dat moment niet om Jur. Het is niet mijn eerste uitvaart die ik mee maak. Ik ken het gevoel, ik weet wat er binnen dendert. Het onherroepelijke, het definitieve. Niet meer in de kist kunnen kijken, zijn koude maar nog tastbare handen beroeren. Het is voorbij! Klaar, finito. Althans de begrafenis. De pijn, het gemis, het verdriet, de onwerkelijkheid, dat is nog lang niet voorbij. Sterker nog er zullen nog vele momenten komen dat Ildiko, Timo, Vera en de overige familieleden alle steun kunnen gebruiken die ze ook vandaag hebben gekregen. Zal dat ook gebeuren? Ik hoop het wel, ervaring leert helaas dat het vaak anders is. We doen nog een allerlaatste handeling,  het strooien van rozenbladeren op zijn kist. De laatste groet, nog 1x probeer ik tranen weg te slikken, hopeloze actie en kijk ik Ildiko, Timo, Vera en de overige familieleden aan. Ik, we, draaien ons om en ik ben weer samen met Jolanda en ook mijn teamgenoten doemen weer op. Heel even, een moment maar, stond ik alleen. We gaan met het team lopend de stad in om bij De 2 Heeren nog een drankje te doen. Hapje, drankje, toast op Jur, de zoveelste en dan nog met een aantal eten. Het is goed zo! Klaar! Jur als team zijn we trots met jou in het veld te hebben gestaan. We zullen je missen! You’ll never walk alone Jur.

11 comments to “De laatste (k)eer voor Jurriën Oosterbeek”
  1. Geen woorden wel tranen, zo lief en intens hoe je schrijft bewondering! Door dit alles komt het verlies boven van mijn eigen kids die geen vader meer hebben! Leven is soms zo oneerlijk waarom?

  2. Respect voor je! Je kent mij niet, hoeft ook niet. Raymond en Gradus kennen me wel, via FB van Raymond heb ik dit ook gelezen, en kan me alle gevoelens goed voorstellen. Sterkte!

  3. Mooi verwoord, evenals de vorige blog! Was idd erg indrukwekkend, ook wij, collega’s van Jur hebben er tot het eind bij mogen zijn. Ook wij zullen zijn oneindige enthousiasme missen.

    Gr. Raymond
    Collega Triflex

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Follow by Email
LinkedIn
Share
Instagram